Vakantiehuis Cadzand-Bad aan de Zeeuws-Vlaamse kust.
Vakantiewoning Cadzand                                                                                 
      Share link Vakantiehuis Cadzand op Social Media


Geschiedenis Cadzand

De naam Cadzand is afgeleid van kade of cade. Dit betrof een primitief dijkje van ongeveer 1 meter hoog. Oorspronkelijk werd de naam gespeld als Cadesant, wat via Caesant en Casant tot de huidige naam verbasterde.

De geschiedenis van Cadzand gaat terug tot de vroege middeleeuwen, toen het Oude Land van Cadzand al bewoond was. Dit was een min of meer rond eiland dat omsloten was door zeegeulen en geleidelijk uitgebreid werd met nieuwe polders die om het eiland heen lagen. Dit min of meer cirkelvormige dijkenpatroon is nog altijd aan te treffen.

Door de inundatie van 1583 liepen vele van de polders onder water en werd het Oude Land van Cadzand weer geheel door zeegeulen omgeven. Pas decennia later werd er weer op grote schaal heringedijkt. Het Eiland van Cadzand raakte ontvolkt. Er huisden wolven. De Spanjaarden bouwden in 1593 een fort in Cadzand en in 1598 werd Fort Terhofstede opgericht.

In 1604 veroverde Prins Maurits Cadzand en van daaruit heel West-Zeeuws-Vlaanderen. Nu was Cadzand definitief Staats en sinds 1606 kwam een predikant uit Sluis over. In 1609 kreeg Cadzand een eigen predikant. Geleidelijk werd de kerk, die een ru´ne geworden was, weer opgebouwd voor de Hervormde eredienst. Pas in 1641 werd de noordbeuk hersteld. In 1623 woonden 1175 mensen op het Eiland van Cadzand.

In 1708 en 1747 vielen de Fransen binnen; in 1794 kwamen de Fransen eveneens en kreeg Cadzand een modern bestuur. De gemeente Catsandt (Cadzand) werd gesticht.

In 1902 werd bij de monding van het Uitwateringskanaal een haventje aangelegd, waarbij de buurtschap Cadzand-Haven ontstond die later in Cadzand-Bad zou opgaan.

Op 23 september 1912 kwam er een tramlijn die Oostburg via Zuidzande met Cadzand verbond. Deze sloot te Oostburg aan op de in 1887 aangelegde lijn van de Stoomtram-Maatschappij Breskens - Maldeghem. Deze werd de Karrekassetram genoemd, naar de vrouwenmuts die bij de Cadzandse klederdracht hoorde. In 1925 werd de lijn doorgetrokken tot Cadzand-Haven.

De Eerste Wereldoorlog bracht mobilisatie en de legering van troepen in Cadzand. Deze bleven tot 1925 aanwezig. Ondanks het feit dat Nederland buiten de oorlog bleef, vielen er enkele verdwaalde bommen op Cadzand-Haven.

Toen de geallieerden op het einde van de Tweede Wereldoorlog oprukten heeft de bezetter in augustus 1944 de sluizen van het Uitwateringskanaal geopend, waardoor de Passageule weer ge´nundeerd werd, maar op 30 oktober 1944 werd Cadzand bevrijd door de Canadezen. Op 29 oktober werd daarbij de kerk beschadigd waarbij de meeste gebrandschilderde ramen uit 1931 verloren gingen. Ook de molen Nooit Gedacht werd zwaar beschadigd. Gelukkig bleef de kom van Cadzand nog redelijk intact.

Na de bevrijding werd de restauratie ter hand genomen. In 1953 volgde de Watersnoodramp waarbij in de Zwarte Polder een dijkdoorbraak plaatsvond. Hierna werd, in het kader van het Deltaplan, de dijkverzwaring ter hand genomen, waarvoor het haventje van Cadzand moest wijken.